Veldproeven met circulaire meststoffen gestart
Op 23 april is de bemesting uitgevoerd in een veldproef met vloeibare meststoffen in consumptieaardappelen op de de proeflocatie Vredepeel van Wageningen University & Research. Testproducten zijn onder andere mineralenconcentraat, ammoniumsulfaat, ammoniumnitraat en urine uit het CowToilet. In de proef wordt de stikstofwerking van de producten onderzocht. De producten zijn emissie-arm toegediend met een aangepaste graslandinjecteur en een spaakwielbemester.
Op 1 mei is de bemesting uitgevoerd in een veldproef met vloeibare meststoffen in snijmaïs op proefbedrijf de Marke bij Hengelo. Testproducten zijn mineralenconcentraat, ammoniumsulfaat en urine uit het CowToilet. Ook in deze proef wordt de stikstofwerking van de producten onderzocht. De producten zijn emissie-arm toegediend met een aangepaste rijenbemester voor vloeibare meststoffen en met pulsinjectie.
In samenwerking met ZLTO worden ook demoproeven met mineralenconcentraat uitgevoerd op grasland, consumptieaardappelen en zaaiuien. Op nieuw ingezaaid grasland wordt de toediening van mineralenconcentraat voor de tweede snede vergeleken met een testbehandeling met kalvergier en een referentiebehandeling met kunstmest.
In consumptieaardappelen worden behandelingen met mineralenconcentraat, kalvergier en kunstmest in aanvulling op onbewerkte rundveedrijfmest onderzocht. Daarbij worden de testproducten deels als basisbemesting uitgevoerd bij het poten en deels als bijbemesting in het seizoen. Dit gebeurt met aangepaste toedieningsapparatuur voor emissie-arme aanwending van het mineralenconcentraat.
In zaaiuien wordt mineralenconcentraat in het seizoen via fertigatie met druppelslangen toegediend in aanvulling op een basisbemesting met varkensdrijfmest voor het zaaien. Er wordt een vergelijking gemaakt met een referentiebehandeling met kunstmest en druppelirrigatie.
HAS Green Academy begeleidt in samenwerking met Agroproeftuin Noordoost Brabant een meerjarige veldproef met suikerbieten. Daarbij worden de effecten van een gefermenteerde dikke fractie van mest en die van digestaat vergeleken met onbewerkte rundveedrijfmest.
In alle proeven worden effecten op groei, opbrengst en stikstofbenutting door het gewas vastgesteld en wordt gekeken naar de hoeveelheid minerale stikstof die na de oogst in de bodem achterblijft.